Zelf rijden in Tanzania is fantastisch, maar allesbehalve standaard. Waar de meeste reizigers het land met een gids ontdekken, stapten wij zelf achter het stuur van een 4×4. Dagenlang reden we over stoffige en hobbelige wegen, door uitgestrekte landschappen waar Masai met hun kuddes wandelen. Je gaat zelf op safari en zoekt naar olifanten, zebra’s en leeuwen. Tegelijk roept deze manier van reizen veel vragen op. Is zelf rijden in Tanzania wel veilig? Hoe zijn de wegen echt? Mag je zelfstandig nationale parken bezoeken met de auto en wat doe je als je autopech krijgt? Zelf rijden vraagt voorbereiding en een andere mindset dan veel andere roadtripbestemmingen. In dit artikel delen we onze ervaringen en praktische tips voor zelf rijden in Tanzania en laten we zien hoe je je safari zelf kunt regelen.
Tips en eerlijke ervaringen voor het zelf regelen van een reis door Tanzania
Waarom kiezen voor zelf rijden in Tanzania?
99 procent van de toeristen die Tanzania bezoeken, reizen rond met een gids die hen overal naartoe rijdt. Zelf rijden in Tanzania geeft een compleet andere beleving van het land. Je zit zelf achter het stuur van een robuuste 4×4 en rijdt over wegen waarvan je niet dacht dat ze zouden bestaan. Vol kuilen, hobbels, losse stenen en soms dikke lagen modder. Dat zelf trotseren maakt elke rit avontuurlijk en geeft een sterk gevoel van vrijheid.
Ook zelf rijden in nationale parken is fantastisch. Je rijdt door uitgestrekte landschappen en gaat zelf op zoek naar dieren. Het dak kan open en als je iets spot blijf je staan zolang je zelf wilt. Je kiest zelf welke wegen je inslaat en soms sta je ineens alleen oog in oog met een groep olifanten. Door de lange afstanden en het gebrek aan andere auto’s voelt het soms alsof je alleen op de wereld bent. Tot je stopt en er ineens Masai nieuwsgierig naast je auto staan. Precies dat onverwachte en rauwe karakter maakt zelf rijden door Tanzania zo bijzonder.
Is zelf rijden in Tanzania gevaarlijk?
Zelf rijden in Tanzania klinkt voor veel mensen spannend en soms zelfs gevaarlijk. In de praktijk is er weinig waar je je zorgen over hoeft te maken. De grootste risico’s zitten niet in criminaliteit, maar in het verkeer en de staat van de wegen. Vooral rondom Arusha kan het chaotisch zijn en rijdt niet iedereen even voorspelbaar. Rustig rijden en alert blijven is daar belangrijk.
Buiten de steden verandert dat beeld compleet en voelt het juist veilig. Je rijdt door landelijke gebieden met weinig verkeer waar mensen nieuwsgierig en vriendelijk reageren. Op sommige stukken ben jij zelf bijna de bezienswaardigheid van de dag. De slechte staat van de wegen vraagt wel constante aandacht en energie. In het donker rijden is niet nodig en af te raden vanwege dieren op de weg. Met de juiste voorbereiding is zelf rijden in Tanzania niet gevaarlijk en juist een heel bijzondere manier om het land te ontdekken.
Hoe zijn de wegen in Tanzania?
Het enige asfalt dat je tijdens een roadtrip door Noord-Tanzania ziet, ligt rondom Moshi, Arusha, Mto wa Mbu en Karatu. Maar zelfs daar moet je rekening houden met kuilen, scheuren en slecht onderhouden stukken. Zodra je deze gebieden verlaat, zijn de wegen onverhard. Stoffig, ribbelig en soms flink beschadigd.
De route vanaf Arusha richting het Serengeti National Park via Mto wa Mbu en de Ngorongoro krater is goed te doen. De weg richting Lake Natron en terug naar Arusha is een ander verhaal. Daar zijn sommige wegen nauwelijks nog wegen te noemen en ben je continu bezig met schakelen, sturen en het ontwijken van diepe kuilen en grote stenen.
Omdat de wegen zo extreem zijn, is het eigenlijk niet de vraag of je autopech krijgt, maar wanneer. Een band verwisselen tussen zebra’s en gnoes is hier geen uitzondering. Vanaf dag één werd ons duidelijk dat dit geen gewone roadtrip is, maar een expeditie.
Daarom zouden wij alleen zelf rijden door Tanzania als je boekt via een organisatie die goede ondersteuning biedt. Wij reisden met Tanzania Nomads en konden elkaar als groep helpen, bijvoorbeeld door elkaar los te trekken als iemand vastzat in de modder. Blijf je relaxed en ga je mee met de flow, dan is het goed te doen. Juist dit maakt zelf rijden in Tanzania zo avontuurlijk, maar het is ook precies de reden waarom het niet voor iedereen is weggelegd.
Met gids door Tanzania rijden versus zelf rijden
Met een gids door Tanzania reizen is comfortabel en overzichtelijk. Je stapt ’s ochtends in en aan het einde van de middag weer uit en onderweg heb je alles kunnen zien. Je hoeft je nergens zorgen over te maken en kunt vooral genieten van de landschappen en dieren. De gids kent het land goed en je kunt volledig vertrouwen op zijn kennis en ervaring. Wel ben je altijd afhankelijk van je gids en breng je veel uren samen door zonder echt alleen te zijn. Het is de meest gebruikelijke manier om door Tanzania te reizen en perfect als je maar een paar dagen op safari wilt.
Zelf rijden in Tanzania is het tegenovergestelde. Het is uitzonderlijk en verre van gangbaar. Je hebt volledige vrijheid en bepaalt zelf hoe je dagen eruitzien. Je bent met alleen met je reisgezelschap en kiest zelf welke wegen je inslaat, bij welke dieren je stopt en hoe lang je blijft staan. Ook onderweg pauzeren voor lunch of een foto gaat volledig op je eigen tempo. Het vraagt meer concentratie en flexibiliteit, maar je krijgt er een intensere en persoonlijkere ervaring voor terug.
Het verschil zit vooral in hoe je wilt reizen. Met een gids is alles geregeld en voorspelbaar. Zelf rijden is avontuurlijker en soms onvoorspelbaar. Houd je van vrijheid en vind je het niet erg als dingen anders lopen dan gepland, dan past zelf rijden beter bij je dan reizen met een gids.
Onze ervaring met zelf rijden in Tanzania
Het zelf rijden was alles wat we ervan hoopten en meer. Je krijgt een ontzettend dikke 4×4 waarmee je het gevoel hebt dat je alles aankunt. De eerste dagen waren de wegen redelijk goed en was het vooral wennen aan de auto, terwijl je ondertussen volop geniet van de omgeving en de dieren. Het voelde heerlijk om zelf in charge te zijn. Zelf bepalen wanneer je stopt, hoe lang je bij een dier blijft staan en je eigen ruimte hebben zonder iemand anders erbij. We namen zijwegen in parken waar we uren niemand tegenkwamen en stonden soms alleen tussen olifanten, leeuwen en giraffen. Een onbeschrijfelijk gevoel.
Groot pluspunt is dat je in dezelfde auto rijdt als de gidsen, met een dak dat open kan zodat je staand dieren spot. Naarmate de reis vorderde werd het rijden uitdagender, maar juist dat maakte het zo leuk. Je merkt dat je elke dag zekerder wordt. Tegelijk is dit de eerste roadtrip die wij nooit volledig zelf zouden organiseren. Via Tanzania Nomads reis je met een groep die op dezelfde datum start en in dezelfde accommodaties verblijft, maar overdag zijn eigen weg volgt. Dat gevoel van samen onderweg zijn, elkaar helpen als iemand in de problemen zit of tips delen over waar dieren zijn gespot, gaf veel samenhorigheid en rust. Die combinatie maakte zelf rijden door Tanzania voor ons enorm bijzonder.
Mag je zelf rijden in parken in Tanzania?
Ja, in Tanzania mag je zelf rijden in nationale parken, maar het is niet de meest gebruikelijke manier. De meeste reizigers gaan met een gids op pad en bij de ingang van een park kan het soms lijken alsof zelf rijden niet is toegestaan. Er wordt dan geprobeerd je te overtuigen om ter plekke een gids mee te nemen. Zo mochten wij de Ngorongoro krater in eerste instantie niet zelfstandig in. Omdat we met Tanzania Nomads reisden, was er een lokale gids aanwezig die de ranger ervan overtuigde dat wij zelf mochten rijden en dat hij eindverantwoordelijk was. Zelf rijden in de parken vraagt wel om verantwoordelijkheid. Afstand houden, dieren niet blokkeren en nooit twee safari-auto’s naast elkaar maar achter elkaar staan zijn essentiële regels. Juist het mooie van zelf rijden is dat je zijwegen kunt nemen en het soms voelt alsof je alleen op de wereld bent met tientallen dieren om je heen. Zelf rijden in nationale parken in Tanzania is intens, spannend en echt te gek.
Wat als je autopech krijgt?
Autopech hoort bij zelf rijden in Tanzania. Dat klinkt spannend, maar wij maakten het meerdere keren mee en het viel alles mee. Een lekke band is eerder regel dan uitzondering door de staat van de wegen. Die verwissel je gewoon langs de weg, soms tussen zebra’s en gnoes en vaak met hulp van locals.
Wij kregen zelf te maken met een oververhitte auto na uren rijden in de hitte. Even laten afkoelen, koelvloeistof bijvullen en weer door. Bij serieuzere pech merk je hoe fijn het is om met een organisatie te reizen. Zo gleed een ander stel uit de groep bij een afdaling over een betonnen rots waardoor de olie begon te lekken. Zij konden niet verder rijden en stapten in bij anderen. Ook stond er een auto uren stil in the middle of nowhere, wachtend op een monteur terwijl het hele dorp nieuwsgierig kwam kijken. Er werd gezongen, gelachen en snoepjes uitgedeeld. Dit hoort erbij. Kun je dat accepteren en blijf je relaxed, dan is autopech gewoon onderdeel van het avontuur.
Verkeersregels en controles
Het grootste verschil met rijden in Tanzania is dat je links rijdt en dus ook links schakelt. Dat voelt in het begin onwennig, maar went verrassend snel. Zodra je de stad Arusha uit bent, kom je al snel nauwelijks andere auto’s meer tegen. Controles komen vooral rondom steden voor en bestaan meestal uit eenvoudige checkpoints langs de weg. Die zijn zelden spannend. Vaak gaat het om een korte controle of een praatje en daarna mag je weer door. Vriendelijk blijven en rustig reageren werkt hier altijd in je voordeel. Het belangrijkste is dat je je rijstijl aanpast aan de omstandigheden. In nationale parken geldt een maximumsnelheid van 50 kilometer per uur, maar in de praktijk rij je vaak rond de 25 kilometer per uur. Stilstaan op bruggen is streng verboden. Op de gewone grindwegen mag je 80 kilometer per uur rijden, maar door kuilen, hobbels en losse stenen is dat meestal niet haalbaar. Officieel moeten je autolichten aan, maar tijdens safari is dat juist niet de bedoeling omdat het dieren kan verstoren. Al met al zal je snel wennen aan de verkeersregels.
Praktische info en extra tips
Navigeren in Tanzania
Navigeren op de grote wegen gaat prima met Google Maps, zolang je de kaarten vooraf offline download. Je hebt onderweg vaak geen bereik. In nationale parken werkt Google Maps vrijwel niet en raden we maps.me aan. In deze app staan ook de kleinere zijwegen en juist die zijn leuk om te rijden wanneer je dieren wilt spotten.
Internationaal rijbewijs
Een internationaal rijbewijs is verplicht in Tanzania en wordt gecontroleerd. Vraag dit vooraf aan bij de ANWB en zorg dat je ook je gewone rijbewijs en paspoort bij je hebt.
Tanken in Tanzania
Tankstations vind je alleen in grotere dorpen. De meeste auto’s hebben twee tanks van samen ongeveer 160 liter. Daarmee kom je ver, maar halverwege moet je altijd een keer tanken. Wij deden dit in Karatu. Betalen kan bij grote tankstations meestal met kaart, maar contant geld werkt altijd.
Eten onderweg
Onderweg kom je geen restaurants tegen, hooguit een koffietruck op een picknickplaats in een park. Het is gebruikelijk dat je gebruik maakt van de lunchbox die accommodaties verzorgen. Als je via Tanzania Nomads boekt kan je dit bijboeken. Die eet je onderweg ergens op langs de weg, bij een mooi picknickplek of in de schaduw van een boom. Zorg dat je altijd genoeg water bij je hebt, want door de hitte drink je meer dan je denkt. Wij kochten een grote waterkan van 12 liter en vulden daarmee steeds onze flessen bij.
Naar het toilet onderweg
Buiten de nationale parken zijn toiletten schaars. Je plast dan gewoon langs de weg. In Tarangire National Park en de Ngorongoro krater zijn picknickplaatsen met toiletten. De Serengeti National Park is enorm en het kan gebeuren dat er geen picknickplek in de buurt is. Je stopt dan op een moment dat je al een tijd geen dieren hebt gezien, kijkt goed om je heen en plast direct naast de auto zodat je meteen kunt instappen als dat nodig is. Het klinkt spannend, maar in de praktijk valt het mee. Overdag liggen dieren vaak te rusten in de schaduw en is het meestal rustig.
Zelf rijden in Tanzania is verre van een standaard manier van reizen en dat is precies wat het zo bijzonder maakt. Mits je het goed regelt en via een organisatie reist die ondersteuning biedt wanneer dat nodig is, is zelf rijden in Tanzania niet gevaarlijk en vooral een groot avontuur. Het is niet voor iedereen weggelegd, maar als je houdt van vrijheid, uitdaging en reizen buiten de gebaande paden, dan is dit een ervaring die je voor altijd bijblijft.